Van leren lezen… naar lerend lezen

De beginnend leesmethode LetterKlankStad pakt de oorsprong van lees uitval aan: de fonologische vaardigheden en het vlot en juist kunnen decoderen van woorden.

Lees uitval in Nederlandblind-lezen
De basis van goed lezen ligt in groep 3 en 4. Vanaf groep 5 gaat het namelijk in de lessen niet meer om leren lezen, maar om lezend leren. Onderzoek wijst uit dat de oorzaak van de (voortgezet en begrijpend) leesproblemen vooral ligt op het gebied van expliciete instructie en de leesdeskundigheid van de leerkracht. In 40% van de kleutergroepen is daarbij onvoldoende aandacht voor zaken als fonologische vaardigheden. (Coster, 2001, Houtveen e.a., 2005; Vernooy, 2004).

Het menselijk brein wordt steeds visueler. Debet hieraan is onze beeld-maatschappij, waar internet een grote rol speelt. Ervaren leerkrachten zullen dit beamen: onze jeugd wordt visueler. De impact hiervan is dat jonge kinderen de overstap naar het talige, gestructureerde denken moeilijk vinden. Het leren lezen wordt liever holistisch opgepakt, waarbij het kijken naar details en het automatiseren van lesstof het liefst wordt overgeslagen. En met onze huidige toetsing op `snelheid` gaat dat vaak ongemerkt, lange tijd goed. Bewustwording en (h)erkenning hiervan is cruciaal om onnodige diagnoses en problemen te voorkomen.     

Herkennen
Snel lezen is niet automatisch goed lezen. Juist visuele kinderen gaan te snel over op het lexicale (vlotte) lezen en missen de basis van het decoderen/automatiseren. Niet alle docenten (her)kennen deze valkuil van het visuele brein, en ook reguliere toetsen laten dit niet altijd zien. Hierdoor ondervinden leerlingen pas in het latere leesonderwijs problemen. Juist bij de slimme, associatief, snel denkende leerlingen die effectief kunnen compenseren, blijft deze manier van lezen onopgemerkt. De noodzaak van automatiseren en analyse hebben ze in de beginfase (groep 3) niet gevoeld. De rapportcijfers waren toch goed?

Ervaring leert dat oudere leerlingen het woord deur prima kunnen lezen, maar bij de opdracht `Schrijf de eu eens op,` rustig de letters ui schrijven. Ze hebben dus wel het woord deur als geheel opgeslagen, maar hebben geen idee van de afzonderlijke lettertekens (grafemen). Woorden worden in zijn geheel geleerd. Zoals een meisje uit groep 8 verzuchtte: `In de brugklas ga ik Frans en Engels leren. Dat lukt me nooit. Ik heb al duizenden Nederlandse woorden in mijn hoofd zitten; daar kan echt niets meer bij!` Het was voor haar een openbaring dat je met de 26 letters van het alfabet alle Nederlandse woorden kunt maken. `Waarom heeft niemand dat tegen me gezegd?` riep ze verbaasd uit. Ook is er bij oudere leerlingen vaak geen focus op details, de volgorde van letters in een woord (straat/staart) en/of de letterkennis (ijs/eis – kouw/kauw).

Basisvaardigheden
Goed leren lezen en spellen steunt op zeven belangrijke basispijlers. Het begint al vroeg met fonemisch bewustzijn. Dan volgen de geautomatiseerde letterkennis, het technisch hardop kunnen lezen van woorden (decoderen), het spellen/schrijven van woorden, met natuurlijk lees- en luisterbegrip en woordenschat.

LKS richt zich op deze basisvaardigheden, zonder in eerste instantie de snelheid te stimuleren. Geen DMT-afname, en ook zeker geen reguliere percentiel vergelijking met andere leerlingen. De eerste vier lesblokken (32 lessen) is er ruim aandacht voor de letterkennis en het decoderen: de analyse en de volgorde van letters in een woord. Niet alleen hakken en plakken, maar ook oefenen met het spellen per letter van de woorden… voor- en achteruit: het letterlijk `stappen` van de letters. Wie woorden achterstevoren kan spellen, dwingt zijn brein om het woordbeeld te visualiseren.

De toetsing gebeurt 1 op 1 met een leerling. Er is geen vergelijking met klasgenoten. Elk kind doorloopt de lesstof en gaat mee met de groep. Daarvoor is voldoende oefengelegenheid. De leerkracht kijkt wat een leerling wel of nog niet beheerst en kan daar direct in de volgende les aandacht aan besteden, terwijl de andere leerlingen zelfstandig oefenen/lezen.

Ervaring leert dat leerlingen van LKS-scholen die in februari de landelijke CITO toetsing weer oppakken, meer dan voldoende op niveau lezen volgens de landelijke norm… en er is geen 20% laagst scorende leerlingen. ALLE LEERLINGEN LEZEN… EN MET PLEZIER.

lksdoos-vk